Op 22 januari 1949 keert Frits Verhagen op een vrachtwagen terug van een actie in Boemidjawa op Midden-Java. Het stortregent en op de bergweggetjes is het meer glijden dan rijden. Op de treeplanken staan jongens om de chauffeur te waarschuwen bij hindernissen.
Bij een bocht naar links weigeren de remmen. Rechts een zeer diep ravijn. Om die te vermijden gooit de chauffeur het stuur om naar links en ramt de auto tegen de bergwand. Frits, op de treeplank, is op slag dood.
Frits is de zoon van Jan Verhagen en Maria Verhees die in de Kromstraat een schilderzaak hebben, waarin ook Frits als schilder werkzaam is. Op 24 september 1948 vertrekt hij als 21-jarige dienstplichtige militair naar Midden-Java om in de omgeving van Semarang ingezet te worden bij de zgn. Tweede Politionele Actie. In zijn brieven naar huis meldt hij steevast dat het hem goed gaat en dat hij onder de indruk is van het prachtige Indonesische landschap. Tot het noodlot toeslaat.
Frits ligt begraven op het ereveld Tillemanplein te Semarang. In 1953 is in Veldhoven-Dorp een straat naar hem vernoemd.














